Bladblazerzen, The Hairy House *

Een maand of twee geleden begon mijn haar uit te vallen. Ik heb de bijsluiter van de tamoxifen erbij gepakt. Tamoxifen is een uitstekende eerste zondebok voor allerhande uiteenlopende kwalen, ongemakken en andere dingen die je dwars zitten. Maar de fabrikant ontkent in dit geval schuld, want haaruitval komt niet voor op de uitvoerige lijst van mogelijke bijwerkingen.

Ik hou het dus op stress-haaruitval. Bij een eerdere gelegenheid heb ik van de huisarts begrepen dat zo’n uitval-aanval rond vier maanden na de stress inzet. Als ik even op mijn vingers terugreken, dan kom ik precies uit in april, toen mijn bestralingslongontsteking vanuit de krochten van het kankerbijwerkingenarsenaal boven was komen drijven. Eén en één is twee. Ik vind het aannemelijk dat het van de stress komt.

Van het vorige rondje haaruitval heb ik meegekregen dat een vitamine B-complex zou kunnen helpen. Het haarverlies is destijds weer gestopt, dus je zou kunnen concluderen dat het geholpen heeft of in elk geval geen kwaad kan. Aan de andere kant heb ik daarna ook kanker gekregen. Tsja, daar heb ik tegenwoordig dan toch een beetje last van. Dat ik me bij alles afvraag of ik er kanker van krijg, eventjes.

Maar goed, die haren verlies ik, ondanks de vitamine B, in grote aantallen. Waardoor we het doucheputje elke week moeten leeg peuteren omdat de badkamervloer overstroomt, en ik bij het ophangen van de was allemaal dotjes asblond haar tussen de kleding vandaan haal. Neem mijn haarverlies samen met een hond en een kat in huis, en daarbij de aan mijn draagkracht aangepaste huishoudelijke inspanningen, en je woning is in no time veranderd in Het Kleine Huis op de Hairy.

Normaal gesproken kan ik me daar best wel druk om maken. Maar sinds ik overreden ben door de vrachtwagen van 30% inkomstendaling, is er toch een bepaalde overgave, een soort Zen, ontstaan. Ik doe niet meer dan ik trek, laat alles uit mijn handen vallen als ik moe ben en duik zo mijn bed in, en ja, wat er dan niet gedaan is, Dat Is Dan Maar Jammer. Mocht dat praktische problemen opleveren, dan los ik die op zonder de gebruikelijk irritatie over dat de zaken niet op orde zijn. Het geeft niet, het komt wel goed. Zelfs het aanrechtdoekje droogt op, iets dat normaal alleen mogelijk is als ik een tijdje van huis geweest ben (en me bij terugkomst verwonderd afvraag: hoe dóen ze dat toch?).

Je ontdekt door zo’n terugtrekkende beweging wel de voordelen van een (redelijk) georganiseerd huishouden. Zo gaan bijvoorbeeld je planten niet dood als je ze water geeft, wist je dat? Me nooit gerealiseerd dat dat zoveel uitmaakte, ik gaf ze gewoon water. En je hoeft niet op stel en sprong de wc schoon te maken omdat hij té vies ruikt, als er een vriendinnetje wil komen spelen en er toch grenzen zijn aan de imagoschade die je kunt verdragen. Iedereen in een georganiseerd gezin heeft tenminste één schone onderbroek in de kast liggen, dat is ook echt handig. Je hoeft niet vier dagen te zoeken naar je telefoonoortjes die onder een tijdschrift blijken te liggen, en, ook ideaal, als je koffie drinkt kun je zo je kopje op tafel zetten omdat die niet zes weken lang vol ligt met stapels uit te zoeken kindertekeningen. Sterker nog, als de kinderen de tafel willen dekken voor het avondeten, dan kunnen ze zó beginnen, zonder dat dat eerst een totale reorganisatie vereist. Han-dig.

Er zitten trouwens ook voordelen aan het de boel de boel laten. Je wasdroger, wasrekken en wasmand worden een soort automatische kledingkast waar je alles zo uit vandaan pakt zonder dat omslachtige gevouw tussendoor en ook je vaatwasser kun je gebruiken bij wijze van keukenkast, zodat je hem nooit meer echt hoeft uit te ruimen. Alles zo vanuit de afwasmachine op tafel. We pakken elke dag toch nagenoeg dezelfde spullen, dus je grijpt zelden mis.

Ik sta in mijn keukentje. Het is zacht voor de tijd van het jaar en de herfstwind heeft door de openstaande deur een paar bladeren de keuken in gejaagd. Leon loopt juist voorbij met zijn bladblazer, want het is dat seizoen in de tuinen. Ik krijg een ingeving. Dat achterlijke gestofzuig altijd, wat nou als we de rotzooi gewoon eens naar buiten loeien? Die bladblazer blaast het mos nog met wortel en al uit het gazon vandaan, dus dat schiet tenminste op. ‘Kom es,’ zeg ik tegen hem. Brave echtgenoot als hij is, komt hij er direct aan. ‘Kun jij die blaadjes ff naar buiten toeteren?’ Leon is natuurlijk nergens te beroerd voor en geeft  gas. Een explosie van haar en stof (en ja, óók de blaadjes) stijgt op richting het plafond en zet dan de afdaling in. Het sneeuwt Heel Veel Haar op de vaatwasser, de combimagnetron, de keukenkastjes, het aanrecht en het fornuis. De blaadjes liggen buiten, dat wel. Je bent tuinman of je bent het niet hè. Gelukkig maar dat ik zo Zen ben. Anders kon ik er misschien niet om lachen.

 

*Vrije variatie op het thema Stofzuigerzen, wat de naam is van een website over de deugden van een schoon en opgeruimd huis.

3 gedachtes over “Bladblazerzen, The Hairy House *

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s