Hou je vast, weer alle tijd om te schrijven

K.
Met.
P.
Ik heb longontsteking.

Dinsdagochtend dacht ik: hé wat gek, ik word ineens verkouden. Waar heb ik dat nu weer vandaan. Meestal ben ik in het gezin het sluitstuk van de epidemie: je weet wel, dat je eerst iedereen twee weken volgordelijk verpleegt terwijl je je ondertussen al kunt verheugen op alle symptomen die je bij je geliefden één voor één in fases de revue ziet passeren. Dat is het lot van ouders, en zo hoort het. Als je geluk hebt, dan slaat het je over en doe je een rondje niet mee. Maar goed, de tijden zijn veranderd, het lijf is niet meer zoals het was. Dus ik was de enige die Iets Had.

Ja, en wat had ik dan? Nou kort gezegd: een idiote kriebelhoest zodra ik meer deed dan zitten/liggen. Toen ik na twee minuten stofzuigen een kwartier als een soort zeerob lag te blaffen op de bank, leek het me in elk geval alvast beter om de sportfysio af te zeggen. En de afspraak donderdag met het medisch maatschappelijk werk leek me ook een jammerlijke verspilling van mijn krachten. Er kwam die middag bezoek, dat moest wel gaan leek me. En dat ging ook fantastisch. Na anderhalf uur zitten en koffiedrinken liet ik Jenny uit en dacht ik:

Zo. Het is helemaal over joh. Even de hond uitlaten.

Dat was een beetje een vergissing. Dubbelgevouwen zittend op een bankje, hoestend in een stapel tissues alsof de tering weer terug was in Nederland, realiseerde ik me dat dit er een beetje heftig uit moest zien en ik hoopte maar dat ik niet al te veel in de gaten liep. ‘Morgen maar wel even naar de dokter,’ zei Leon ’s avonds, toen ik hijgend op een plastic krukje onder de douche zat en de kinderen voor de zekerheid even om de hoek  van het douchegordijn kwamen informeren: ‘Mama, ga je dood?’

Naar de dokter, ja, dat is denk ik wel een goed idee, dacht ik nog wat afhoudend. Want ja, een verkoudheid gaat wel weer over en als ik rustig aan deed was er nauwelijks iets aan de hand. Ik mailde mijn steun en toeverlaat op fysiek gebied, fysiotherapeut en bewegingspromotor pur sang Sylvia, nog even om uit te leggen waarom ik er die morgen niet was. De volgende ochtend, toen ik alweer had besloten dat ik nog niet naar de dokter hoefde (heerlijk geslapen namelijk, want liggen gaat uitstekend) vond ik in mijn mailbox een kort berichtje van haar met een klein googletje. Ze hoopte natuurlijk van harte dat ik gewoon verkouden was, maar ze had even gekeken en of ik wel eens van een bestralings-longontsteking had gehoord.

Nee dus. Maar toen ik even had rondgeneusd, leek het me best goed mogelijk dat ik dat had. Een bestralingslongontsteking is het gevolg  van longschade door de bestraling en ontstaat bij een heel klein percentage van de borstkankerpatiënten die radiotherapie krijgen. Geeft in eerste instantie geen klachten, en openbaart zich twee tot wel zes maanden na afloop van de behandeling. Symptomen: achterlijke kriebelhoest zonder dat  je nou het idee hebt dat die hoest iets positiefs teweeg brengt zoals het losmaken van bijvoorbeeld slijm, kortademigheid en soms koorts. Ergens zag ik ook nog gewichtsverlies in het rijtje staan, en inderdaad gaat het afvallen wel erg hard de laatste tijd, nu met twee à drie ons per dag. De internist, die ik maandag nog gezien heb, vond dat niet alarmerend gezien mijn (bijna) suikerloze bestaan en al mijn andere veranderde leefgewoontes.

Longschade wil je natuurlijk z.s.m. gaan behandelen, dus toch maar naar de huisarts. Die propt mij er tussendoor in zijn spreekuur en stuurt me direct door naar Schagen om bloed af te laten nemen. De haast komt vooral door de verdenking van longembolie. Die had ik zelf niet verzonnen.  Tamoxifen, mijn hormoonreceptorblokker, geeft een verhoogd risico op trombose-achtige aandoeningen, dus hé, wie weet is dat het wel. In Schagen krijg ik voorrang op een volle wachtkamer zodat het bloed nog mee kan in de ochtendronde. Ik schuifel zoet door de gangen en neem de lift in plaats van de trap van 5 treden, zodat ik een spektakel als op het bankje bij de sloot voorkom. Ik ben dit wel zat hoor jongens. Ik wil vooruit. En dan bedoel ik dus niet achteruit.

Rond één uur belt de huisarts. De stollingswaarden en de ontstekingswaarden zijn beiden wat verhoogd. Dat zegt op zich nog niets, maar het bloed geeft in elk geval geen zekerheid dat er géén probleem bestaat, dus op naar het ziekenhuis. De longarts verwacht mij op de Eerste Hart-Long Hulp in het Medisch Centrum Alkmaar.

Daar brengen Leon (die toevallig vrij heeft) en ik de hele middag door. Ik krijg een eigen bed en word rondgereden in een rolstoel. Dientengevolge gaat het allemaal best. Bloed wordt nogmaals geprikt. Ik word uitgebreid verhoord. Er worden longfoto’s gemaakt. Ik huiver even als ze me de wachtkamer van de röntgen inrijden. Bijna een half jaar geleden zat ik hier nietsvermoedend. Later zat ik hier een aantal keer in grote spanning. Het viel niet mee. Alstublieft God in de hemel, nu even geen nieuwe apen uit mouwen laten komen. Een longontsteking vind ik prima. Maar alstublieft geen bonussen in de vorm kalkjes, vlekjes of plekjes, ok?

De assistent-longarts, die zoals altijd hooguit veertien jaar oud kan zijn, brengt de uitslag. Er is, inderdaad aan de rechterkant, een witte vlek te zien. Dat is de ontsteking. Nadrukkelijk vermeldt ze erbij dat er helemaal niets te zien is dat op kanker lijkt. ‘Oh, da’s ook heel fijn om te horen, ‘ zeg ik. Dat is toch professioneel en attent om even op te noemen? Ik heb er zelf geen aanleiding toe gegeven door er iets over te zeggen.

En nu? Er is een ontsteking, maar of deze veroorzaakt is door een bacterie, virus of door de bestraling is nu niet te zeggen. Dat gaan we dus proefondervindelijk vaststellen. Daarom beginnen ze met het geven van  antibiotica.  Er wordt daarnaast een kweek gemaakt om te kijken of we niet toevallig te maken hebben met een wat minder gangbare bacterie die andere antibiotica vereist. Zijn de klachten na twee weken niet minder, dan is het dus een bestralingsontsteking. Want ook een virale ontsteking (waar antibiotica niet tegen helpt natuurlijk) moet tegen die tijd echt wel aan kracht ingeboet hebben. Dan ben ik wel een klein beetje de pisang, want bestralingslongontsteking  betekent een dikke vette Prednisonkuur met vaak een ziekenhuisopname.

Omgekeerd aanpakken van dit determineringsproces is geen optie, want als je start met een behandeling met Prednison en er blijkt per ongeluk wel een bacterie in het spel te zijn, dan kan die je schijnbaar ongehinderd helemaal opvreten omdat de Prednison iets met je afweer doet (ik weet niet wat, ik heb er (nog) geen verstand van).

De assistent-longarts waarschuwt me dat het hoe dan ook wel een tijdje (enige maanden? Ik weet niet meer wat ze zei) zal duren voor ik qua lucht weer de oude ben, ook als de behandeling met antibiotica aanslaat of het een viraal dingetje blijkt te zijn. Welke oude, denk ik een tikkeltje verbolgen bij mezelf. Het is al niet veel. Lekker aan je conditie werken zo. Oh, dit is balen jongens.

 

 

3 gedachtes over “Hou je vast, weer alle tijd om te schrijven

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.