Uitstappen alstublieft

Ondanks alle moeite en het gemopper in mijn posts over de bijwerkingen van de behandeling, word ik regelmatig overvallen door het besef dat ik op dit moment, hier, precies op de plek ben waar ik zou moeten zijn. Ik zat al heel wat jaren in een voortdenderende trein. Een aantal van jullie kennen die trein ook wel, want zo nu en dan kom ik er bekenden tegen. Het is de trein van onze tijd. Makkelijk om in te stappen, maar (voor mij althans) héél erg moeilijk om er af te komen. Ik doe wel eens een halfslachtige poging door een tijdje mokkend in de restauratiewagon te gaan zitten en te verkondigen dat ik niet meer meedoe, maar al gauw laat ik me weer verleiden om op te stomen naar de cockpit. Voorwaarts kameraden, er moet gebouwd worden! Werken, gezin, huis, vrienden, familie, leuke dingen doen, verplichte dingen doen.

Met luid gekrijs van het metalen onderstel over de rails kwam de trein met het ontdekken van de kanker tot stilstand. Eerst was ik verdwaasd door de klap. Ik schudde mijn hoofd. In een moment van diepe stilte keek ik om me heen. De trein stond stil! Wat een gekke gewaarwording. Ik overwoog of ik nog kon proberen om mee te blijven rijden, maar ik besefte dat ik nú, direct uit moest stappen. Mijn lijf had me keihard een halt toegeroepen. Ik wist een ding zeker: dat lijf moest nu vóór alles gaan. Zonder lijf wordt er in geen enkele trein meer gereden. Namelijk.

Ik stapte uit en begon te lopen. Voor me uit lag een pad. Door de vele bochten kon ik niet echt zien waar het heen ging. Rechts van het pad strekte zich de gewone wereld uit met alles er op en er aan: bossen, koeien, files, spelende kinderen. Aan de linkerzijde gaapte een afgrond. Doordrongen van de noodzaak om kalm te blijven om mezelf niet nog verder in de problemen te brengen, liep ik verder met het ijzige bewustzijn van iemand die weet dat het erop of eronder is. Niet kijken, niet er in vallen, niet kijken, zoek de horizon. Kalm blijven, geen paniek toestaan. Geen besmettelijke angst toelaten.

Er kwamen splitsingen in de weg, die me godzijdank wat bij die afgrond vandaan leidden. Geen uitzaaiingen, geen chemo, voorzichtig herstel van de amputatie. En als je niet in een rijdende trein zit, dan heb je de tijd om om je heen te kijken terwijl je je verplaatst. En dan zie je nog eens wat. Iedereen die mij kent, weet dat ik heel erg van ‘vier de voordelen’ ben. Wat voor geinigs kwam ik tot nu toe zoal tegen?

Fysiotherapie en de ontdekking dat mijn spieren continu in de aanslag staan. Altijd klaar om te sprinten, altijd op scherp. Ondanks de ziekte en de zwakte kan ik zonder veel moeite de turbo aanzwengelen, maar een uitknop is er niet. Het is allemaal weinig subtiel, zeg maar. Mentaal is het natuurlijk niet veel anders. In mijn enthousiasme zit ik zo in de overdrive. Loslaten is veel lastiger. Fysiek ontspannen werd met die realisatie een hoofddoel.

Omdat ik tegenwoordig op vreemde tijden thuis ben, kwam ik er al zappend achter dat National Geographic elke dag tussen acht en tien uur ’s ochtends episodes van The Dog Whisperer uitzendt. Doordat ik zoveel afleveringen achter elkaar kon bekijken, begon ik op andere dingen te letten. Ik zie nu voortdurend overeenkomsten tussen mijzelf en een bepaald type klant van de hondenfluisteraar. Volgens hem weerspiegelt je hond jouw eigen energie. Zou mijn energie er iets mee te maken hebben dat Leentje gespitst als een springveer naast me wandelt, klaar om in actie te komen als ze iets in de omgeving ontwaart waarvoor haar dat nodig of leuk lijkt? Wie weet, misschien gaat het werken aan hoofddoel 1 mij tegelijk een betere samenwerking met mijn hond opleveren, en omgekeerd helpt mijn werk met Leentje me bij het bereiken van ontspanning bij mezelf. Het grappige is namelijk dat die hond een soort neurofeedback-effect levert. Ze reageert alleen goed, als ik de juiste snaar raak en op de goede manier resoneer. En zo leer je dan waar je wezen moet in jezelf. Want ja, hoe herken je de goede vibe in je lijf als je (nog) niet weet wat het is dat je moet voelen?

Er is tijd om recepten te googlen, waarna het zomaar gebeuren kan dat ik de kinderen met droge ogen een gruwelmaaltijd van gegrilde aubergines met tomaat, lente-uitjes en biologische gierst voorzet. De aubergines vind ik gebakken in olijfolie een stuk lekkerder, maar verder was ik heel tevreden! De  kinderen vonden de aubergines zó vies, dat ze van schrik de rest opaten met het commentaar dat ‘dat nog wel ging’. Pure winst, zeg ik!

En tenslotte werd er door de ziekte een appel gedaan op mijn schrijflust en zo ontstond dit blog, waarop ik naar eigen inzicht alle voorkomende bijverschijnselen mag uitspellen. We zullen zien wat er gebeurt als ik straks weer voorzichtig een proefrit maak in een nieuwe trein. Zal ik er aan blijven denken om voldoende stops te maken en de snelheid te beteugelen? Ik zal wel moeten, vrees ik. Of moet ik zeggen: gelukkig maar?

2 gedachtes over “Uitstappen alstublieft

  1. Lieve jolien,
    Wat een mooi stukje weer zeg!
    Soms best herkenbaar, dat voortdenderen. Wat goed dat je zo bewust bezig ben, met eigenlijk alle facetten van je leven, jullie leven als gezin hoort daar natuurlijk ook bij. Dikke zoen, erny

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s