Ik laat mijn lichaam nu niet in de steek

Veel gehoord: ‘Je bent het vertrouwen kwijt in je lichaam’. En: ‘Je lichaam heeft je in de steek gelaten’. Klaarblijkelijk is dit voor veel mensen de ervaring of, zonder die ervaring, hoe ze zich voorstellen dat het zal voelen. Elk mens is anders. Ik beleef het helemaal niet zo.

Ik heb veel vertrouwen in mijn lichaam, het is een goed lichaam. Mijn lichaam is al jaren bij me en bezorgt me in het algemeen weinig last. En dat terwijl ik er niet zo heel veel voor terug doe. Ik fiets naar mijn werk en ik loop met Leentje, maar ik sport niet. Al sinds mijn eerste zwangerschap. Even tellen… dat is nu dus al zo’n twaalf jaar de status quo.

Ik eet redelijk gezond hoor. Maar er waren ook tijden dat ik een dieet hield van ovenfriet, halvamayo en perenijs (afstudeerfase). Ik drink al sinds jaar en dag plassen koffie omdat ik er gek op ben. Ik ben de grootste belager van de dropjespot op het werk. En hoewel ik, sinds ik het goede voorbeeld moet geven aan de kinderen, stukken minder snoep, heb ik in mijn carrière als koekiemonster ontelbare pakken koek, chocola en andere zoete troep verslonden. Mijn lichaam heeft de vele kilo’s suiker en verzadigde vetten trouw opgenomen en weggewerkt.

Mijn lichaam voorzag altijd in een razende verbranding, dus dik werd ik er niet van. Het liet mij haar (Volgens de taalkundige regels moet ik ‘zijn’ schrijven. Het woord is onzijdig, maar het echte ding niet, vandaar dat ik er naar verwijs met  ‘haar’) straffeloos bombarderen met allerlei junkfood. Ze deed er nooit moeilijk over.

Dan was er nog de tijd van de sigaretjes. Vond ze ook niet echt leuk hoor. Dat liet ze dan weer wel merken. Dat hielp om er mee op te houden. En ik maakte haar moe met bier in het weekend toen ik nog in de kroeg te vinden was  en later met  lekkere rode wijntjes tijdens het koken of  ’s avonds op de bank, als het gekwetter van de kinderstemmetjes verstomd was, de was opgevouwen in de wasmand zat en ik eindelijk neerplofte op de bank voor de televisie. Ahhhh… mammatijd!!

En alle keren dat ze onvoldoende bij kon tanken doordat ik ’s avonds niet ging slapen maar nog even dit en nog even dat ging doen, en vervolgens toch nog mijn downtime opeiste op de bank voor de TV. Dan was ze zo moe dat ze ’s ochtends in de trein naar Amsterdam  in slaap viel en op de terugweg weer. Maar ik ging door en zij deed het evengoed ook prima.

Maar het meeste last van alles heeft ze denk ik gehad van mijn stress. Hoe noemde dokter Tromp dat ook weer? Distress, het niet  aflatend druk op de ketel houden. Pffff.

En door dit alles heen was mijn lichaam er voor mij. Ik kreeg wel eens buikpijn of een stijve nek, maar dat was het dan wel zo’n beetje. En nu is ze ziek.

De mammacare-verpleegkundige knijpt haar ogen tot spleetjes als we het hier over hebben. ‘Aha,’ zegt ze, en er klinkt in door: daar hebben we er zó eentje. Ze stelt wat vragen om te onderzoeken of ik mezelf er de schuld van geef dat ik kanker heb gekregen. En of ik van plan ben een vreugdeloze gezondheidsfanaat te worden.

Maar dat is niet zo hoor. Ik ga mijn lijf alleen niet op haar kop geven omdat haar iets overkomen is. Ik ga heel lief voor haar zijn. Ik laat haar niet in de steek.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.